Ga verder naar de inhoud

Geschiedenis met water

Nederland en water horen bij elkaar. Vanaf het moment dat de eerste mensen in Nederland gingen wonen, begon de strijd tegen het water. Het begon met zelfgemaakte heuvels van klei. Daarna kwamen er dijken, molens en gemalen. Nederlanders hielden niet alleen water tegen, maar wonnen ook land terug van het water. Dat was het begin van het Nederland dat we vandaag kennen. 
Kinderdijk in Nederland. Aan de vaart staan een rij molens. Polderlandschap met veel riet.

Strijd tegen het water 

Vroeger zag Nederland er heel anders uit. Rond het jaar nul stonden veel delen van het land nog onder water. Mensen woonden in hogere gebieden of maakten zelf verhogingen. Voorbeelden hiervan zijn terpen en wierden. In Friesland en Groningen kun je deze nog steeds zien. Sommige zijn heel oud en werden zo’n 500 jaar voor Christus gemaakt. 

Landwinning 

Het lukte Nederlanders steeds beter om het water naar hun hand te zetten. Tijdens de Middeleeuwen (500-1500) vond op kleine schaal landwinning en bedijking plaats. In 1407 bouwden de Nederlanders de eerste poldermolens. Deze molens bleven tot de komst van de stoomgemalen (begin negentiende eeuw) het belangrijkste hulpmiddel om land droog te houden. Hierdoor kon ook land gewonnen worden en nam het risico op overstromingen af.  

Droogmakerijen 

Vanaf de zestiende eeuw begonnen Nederlanders met het droogleggen van grote stukken land. Deze droogmakerijen begonnen klein, maar in 1612 werd het eerste grote meer drooggelegd: de Beemster. Later volgden verschillende andere grote droogmakerijen zoals Purmer (1622), Schermer (1635), Haarlemmermeer (1852), Noordoostpolder (1942) en Oostelijk (1957) en Zuidelijk Flevoland (1968). Tegenwoordig ligt ongeveer een derde van Nederland beneden Nationaal Amsterdams Peil (NAP). Het laagste punt bevindt zich in de gemeente Zuidplas in Zuid-Holland. Dit ligt 6,76 meter beneden NAP. 

Rol van de waterschappen 

Waterschappen of hoogheemraadschappen regelen de waterhuishouding in een bepaald gebied en zijn een van de oudste instellingen van bestuur in Nederland. Graaf Willem II richtte in 1255 in Leiden het eerste waterschap op. Dit was het Hoogheemraadschap van Rijnland, dat nog steeds bestaat. 

Samenwerking was vanaf het begin belangrijk, want waterbeheer overstijgt het lokale. Om zichzelf tegen het water te beschermen moesten kleine poldergemeenschappen  vanaf het begin samenwerken. 

De grondwet van 1848 legde officieel vast dat de taak van waterbeheer bij waterschappen ligt. Dit moest ook voorkomen dat gemeenten maatregelen konden nemen die de wateroverlast naar buurgemeenten zou verplaatsen. In 1927 verenigden de waterschappen zich in de koepelorganisatie Unie van Waterschappen. Deze vereniging behartigt de belangen van de waterschappen in Den Haag en Brussel. Daarnaast zorgt de Unie voor kennisuitwisseling en samenwerking tussen de waterschappen. Sinds 17 mei 2018 zijn er 21 waterschappen in Nederland. 

Rampen 

In de geschiedenis zijn er verschillende momenten dat Nederland de strijd tegen het water verloor. Hieronder een aantal bekende overstromingen. 

Sint-Elisabethsvloed 
De Sint-Elisabethsvloed vond in 1404, 1421 en 1424 plaats rond 19 november, de naamdag van Sint Elisabeth. In Zeeland en Holland overstroomde het land en de Biesbosch werd gevormd. 

Zuiderzeevloed 
De stormvloed of Zuiderzeevloed van 1916 zorgde voor overstromingen rond de Zuiderzee met name in Noord-Holland, Utrecht, Gelderland en Overijssel. Deze watersnood gaf de doorslag om de Zuiderzee daadwerkelijk af te sluiten. De plannen waren niet nieuw. Al in 1667 deed Hendrik Stevin een voorstel hoe “het gewelt en vergif der Noortzee uytter Verenigt Nederlant te verdrijven sy”. Eeuwenlang bleef deze gedachte te groots, maar op 28 mei 1932 wordt de Afsluitdijk, die de Zuiderzeekust beschermt tegen de Noordzee, in gebruik genomen. Cornelis Lely ontwierp in 1891 het eerste plan voor de afsluiting en inpoldering van de Zuiderzee.  

Watersnoodramp 1953 
De bekendste overstroming is waarschijnlijk de Watersnoodramp van 1953. Grote delen van Zeeland, Zuid-Holland liepen onder water en meer dan 1.800 mensen en tienduizenden dieren kwamen om het leven. Om dergelijke rampen in de toekomst te voorkomen werden de Deltawerken gebouwd. Deze beschermen Nederland niet alleen tegen overstromingen, maar zorgen ook voor voldoende zoet water. 

Meer recente overstromingen 
Ook in het meer recentere verleden ontstonden er problemen. Bijvoorbeeld de ‘bijna-ramp’ van 1995 waarbij 250.000 mensen uit het Rivierenland werden geëvacueerd. Of nog recenter de overstromingen van juli 2021 die met name het zuidelijke deel van de Nederlandse provincie Limburg troffen, evenals als de Duitse Eiffel en Wallonië. 

Leven met water

De geschiedenis op een rij

Actueel