Ga verder naar de inhoud

Hans Brinker en het gat in de dijk

Veel mensen kennen het verhaal van Hans Brinker – ook wel bekend als ‘Hansje’. Dit jongetje zag een gat in de dijk en stak zijn vinger erin. Zo zorgde hij ervoor dat Nederland niet overstroomde. Het verhaal staat symbool voor de Nederlandse strijd tegen het water… Maar is het ook echt gebeurd?
Beeld van Hans of Hansje Brinker bij Madurodam

Is het verhaal van Hansje Brinker echt gebeurt?

Om maar meteen met de deur in huis te vallen. Nee, Hansje Brinker heeft niet echt bestaan. Hij is verzonnen door de Amerikaanse schijfster Mary Mapes Dodge. In 1865 verscheen haar boek ‘Hans Brinker or The Silver Skates’. Hierin beschrijft ze de avonturen van deze vijftienjarige jongen. Maar hij is niet de jongen die zijn vinger in de dijk steekt.

In het boek wordt in de klas een ander verhaal voorgelezen: ‘De held van Haarlem’. Dit gaat over de zoon van een sluiswachter. De naam van deze jongen staat niet in het verhaal. Op een avond ziet hij op weg naar huis een klein gaatje in de dijk waar water doorheen komt. Hij stopt zijn vinger in het gat om het water tegen te houden en blijft de hele nacht zitten. Een dominee vindt hem de volgende ochtend en haalt hulp. De jongen redt Haarlem en is een held.

Meerdere versies van het verhaal

Dit verhaal van de jongen en de dijk bestond al eerder en er bestaan meerdere versies van. De Franse schrijfster Eugénie Foa schreef waarschijnlijk de eerste versie in 1848. Haar verhaal heette ‘Le petit éclusier’ (De kleine sluiswachter). Alleen steekt in dit verhaal een jongen zijn vinger niet in een dijk, maar in een gat in een sluisdeur. Mapes Dodge schreef een nieuwe versie van dit verhaal voor haar boek. Daarvoor gebruikte ze ook de verhalen van Nederlandse emigranten en het boek ‘The rise of the Dutch Republic’ van John Lothrop Motley. Want Mapes Dodge had Nederland nooit bezocht.

Fouten in het verhaal

Misschien dat er daarom zo veel fouten in het boek staan. Zo schrijft Mapes Dodge dat de sluiswachter in Haarlem woont. Maar de Haarlemse Sluizen en de woning van de sluiswachter staan in Spaarndam. Ook is het onwaarschijnlijk dat een vinger in een gat in de dijk het water echt tegen kan houden. De eerste Nederlandse vertaler vond dat er te veel dingen in het boek niet klopten. Daarom vertaalde hij het boek in 1876 niet precies. Hij maakte er een eigen versie van. Bij het stukje over de ‘Held van Haarlem’ meldde hij in de voetnoot dat dit verhaal “voor rekening van de schrijfster” was.

Beelden van Hans Brinker

Ondanks alle fouten werd het een bekend verhaal, vooral in de Verenigde Staten. Veel Amerikanen geloofden dat het echt gebeurd was. Voor hen was het verhaal een symbool voor Nederland: een land dat altijd tegen het water vecht. Zij kwamen naar Spaarndam en zochten naar de plaats waar de jongen Haarlem had gered. Daarom werd hier een beeld geplaatst. Dit is niet de enige plaats. Er staan ook beelden in Harlingen en Madurodam en zelfs één in het stadje Holland in de Amerikaanse staat Michigan. Maar zonder de naam Hans Brinker… want zo heette ‘De held van Haarlem’ niet.