Ga verder naar de inhoud

Regen in Nederland: wat is normaal en wat is extreem? 

In Nederland valt elk jaar gemiddeld 853 millimeter regen. Dat is per dag iets meer dan 2 millimeter. De hoeveelheid regen verschilt per seizoen. In augustus regent het meestal het meest: gemiddeld bijna 88 millimeter. In april valt de minste regen: ongeveer 41 millimeter. 
Kind met regenboogparaplu stampt in een plas in een bosrijke omgeving

Veel regen 

Een gewone regenbui is geen probleem. Maar als het te veel regent, kunnen er problemen ontstaan. Maar wanneer is er sprake van teveel regen? Dat hangt af van hoe lang en hoe hard het regent. 

  • 10 millimeter regen in een dag.
    Dat is een normale regenachtige dag in Nederland. 
  • 20 – 30 millimeter regen in een dag.
    Dat is veel regen. Op sommige plekken kan wateroverlast ontstaan. 
  • 50 millimeter regen of meer in een dag.
    Dat is extreem veel regen en kan zorgen voor grote wateroverlast, vooral in steden. 

In Nederland spreken weerkundigen vaak over piekbuien als er in korte tijd 20 tot 30 millimeter regen valt. Bij hoosbuien kan meer dan 50 millimeter regen per uur vallen. Dat zorgt vaak voor overlast. 

Waarom regent het zoveel in Nederland? 

Hoeveel regen er in Nederland valt, heeft te maken met de ligging van ons land. Nederland land ligt aan zee. Daardoor komt er vaak vochtige lucht het land binnen. Als deze lucht botst met koude of warme lucht, ontstaan er wolken. Uit deze wolken valt regen. De westenwind – dat is de wind vanaf de Noordzee – zorgt ervoor dat het in Nederland het hele jaar kan regenen. 

Wat doen de waterschappen bij te veel of te weinig regen? 

Als waterschappen regelen we het waterpeil. We zorgen ervoor dat er niet te veel en niet te weinig water is in sloten, rivieren en kanalen. Daarom komen we in actie bij te veel en te weinig regen. 
 
Bij teveel regen nemen we maatregelen. Bijvoorbeeld: 

  • We zetten pompen aan om water naar rivieren of de zee te laten stromen.
    Zo blijft er minder water achter in de sloten en komt het land niet onder water te staan. 
  • We maken sloten en vaarten schoon.
    Zo kan het regenwater sneller wegstromen.
  • We passen de stand van sluizen en stuwen aan.
    Daarmee regelen we de hoogte van het water, zodat het op sommige plekken juist hoger of lager wordt. 

 
Als het te weinig regent, zorgen we dat er genoeg water beschikbaar blijft. Bijvoorbeeld: 

  • We houden water vast in sloten en kanalen.
    Dat doen we bijvoorbeeld door een stuw dicht te zetten, zodat het water niet wegloopt. 
  • We laten water uit grote rivieren naar droge gebieden stromen.
    Zo zorgen we dat boeren, planten en dieren in droge gebieden genoeg water houden. 

 
Ook werken we samen met gemeenten en provincies om steden en dorpen beter voor te bereiden op droogte en zware regen. Dat doen we bijvoorbeeld door meer groene gebieden aan te leggen. Daar kan regenwater in de grond zakken. 

Zo kun jij regenwater opvangen 

Je kunt zelf ook helpen om regenwater goed op te vangen. Hoe doe je dat? 

  • Vervang tegels door planten zodat water beter in de grond kan zakken. 
  • Gebruik een regenton om regenwater op te vangen en later te gebruiken. 
  • Leg een groendak aan om regenwater langer vast te houden. 
  • Koppel je regenpijp af, zodat regenwater naar je tuin stroomt in plaats van naar het riool. 

Met deze maatregelen help je mee om wateroverlast en droogte te voorkomen. 

Regenwater opvangen

Wat kan jij doen?

Actueel